ontstaan vechtlandschapeerste bewoningagrarisch bedrijf 1000-1500grote ontginningmachtsstrijd utrecht-hollandkasteleneconomie 1350-1575waterhuishoudingverveningagrarisch bedrijf 1500-1660economie 1575-1850droogmakerijenbuitenplaatsenagrarisch bedrijf 1660-1760agrarisch bedrijf 1760-1870industrialisatieagrarisch bedrijf 1870-1940agrarisch bedrijf 1945-hedencultuur & recreatiewaterhuishouding
inleiding
meer weten
Kastelen
- In de machtsstrijd verrezen tussen 1250 en 1350 circa 13 kastelen langs de Vecht
  gebouwd door bisschop van Utrecht, graaf van Holland of Hertog van Gelre
- Bij kastelen ontstonden dorpen
- Zeven kastelen bewaard gebleven, van de verdwenen kastelen resten nog sporen in het landschap
Kenmerkend aan de Vechtstreek zijn de kastelen die aan de oevers van de Vecht staan. Het is nog maar een schijntje van het aantal  imposante bouwwerken dat zich vroeger langs de rivier bevond. Tussen 1250 en 1350 werden er 13 kastelen langs de Vecht gebouwd door de bisschop van Utrecht, de graaf van Holland, de graaf van Gelre en rijk geworden ministerialen als de Van Amstels. De bouwwerken waren een symbool van machtsvorming in een periode waarin het gezag van de bisschop onder druk kwam te staan van de oprukkende macht van de graven.  

De kastelen werden op strategische plaatsen gebouwd op de stevige oeverwallen van deze goed bevaarbare rivier, zodat rivier, weg en omliggend land vanuit het kasteel beheerst konden worden. 

De meeste kastelen kennen een roerige historie van strijd, verpanding, belening of verbeurdverklaring, waardoor zij dan weer in Utrechtse, dan weer in Hollandse handen waren. Een aantal kastelen is in de loop der eeuwen gesloopt, een aantal is in de 18de eeuw verbouwd tot buitenplaats.

Nog bestaande kastelen

Het Muiderslot en slot Zuylen zijn als museum ingericht en geven een prachtig beeld van het leven op het kasteel in respectievelijk de middeleeuwen en de 18de eeuw. Nijenrode huisvest een Business University, Bolestein, Oudaen en Gunterstein zijn particulier bewoond en Loenersloot is in beheer van Het Utrechts Landschap.
Iets verder van de Vecht afgelegen vinden we kasteel Nederhorst en Sypesteyn in Loosdrecht. (Dit laatste kasteel is overigens pas rond 1900 gebouwd, op de plek van een vermoedelijk middeleeuws kasteel).

Verdwenen kastelen nog herkenbaar in het landschap

Huis ter Aa, Aastein en Ruwiel te Breukelen, Vredeland te Vreeland, Cronenburgh te Loenen, kasteel Abcoude in Abcoude, Snavelenburgh en huis ter Meer te Maarssen zijn alle verdwenen. 
Op luchtfoto’s zijn echter vaak nog steeds de contouren van de verdwenen kastelen en hun slotgracht herkenbaar. De voormalige kasteelterreinen zijn onbebouwd gebleven; sommige zijn aangewezen als archeologisch monument. Zo hebben de afgebroken kastelen ook nu nog een effect op het landschap.
Kastelen


Macht in de Middeleeuwen

Sticht en Oversticht vormden het wereldlijke machtsgebied van de Utrechtse bisschop. Het geestelijke machtsgebied (het bisdom) was veel groter en omvatte de gehele noordelijke Nederlanden.
Het overheidsgezag zoals wij dat nu kennen, gaat uit van één aaneengesloten territorium waar dezelfde regelgeving geldt ten uitvoer gelegd door ambtelijke organisaties. Dat concept bestond in de Middeleeuwen niet. Macht functioneerde op een volstrekt andere manier. De sporen daarvan zijn nog steeds zichtbaar in het cultuurlandschap. Zo heeft de machtsvorming in de Middeleeuwen de basis gelegd voor de omvang van de huidige provincie Utrecht.
Het overgrote deel van de Vechtstreek behoorde tot het het Sticht, het gebied waarover de bisschop van Utrecht wereldlijke macht* uitoefende. Dit wordt ook wel Nedersticht genoemd tegenover het andere deel in het noord-oosten, het Oversticht. Uit deze tweedeling blijkt al, dat het bisschoppelijke machtsgebied geen aaneengesloten geheel vormde, maar zelfs daarbinnen bleef het bij zeggenschap over eigen, verspreid gelegen grootgrondbezit en bepaalde rechten, zoals dat van tolheffing, muntslag en het recht op woeste gronden*. Een zeer belangrijk overheidsrecht was de uitoefening van rechtspraak, die om praktische redenen werd gedelegeerd aan anderen (zie hieronder). Op weg naar meer macht en effectiever bestuur kwam de bisschop in conflict met andere grootgrondbezitters in zijn gebied en met zijn machtige buren, de graaf van Holland en de graaf* van Gelre, en werd hij geplaagd door het eeuwige probleem van geldgebrek.

De machtspositie van de bisschop
Sinds de vroege Middeleeuwen was het huidige grondgebied van Nederland deel van het Duitse rijk. De Duitse keizer Otto I maakte  bij het bestuur steeds meer gebruik van de kerk tegenover de machtige en zelfstandig operende adel. Hij benoemde de bisschoppen en vertrouwde hun het bestuur over delen van zijn rijk toe. Dit ging goed totdat de paus zich hiertegen effectief verzette in de Investituurstrijd*, die eindigde met het Concordaat van Worms in 1122.
Voortaan werden bisschoppen benoemd door geestelijkheid en volk binnen het bisdom. Dat betekende voor de bisschop tevens het einde van de directe keizerlijke bescherming en een nog sterkere confrontatie met de edelen in zijn gebied.

Tussen ca. 1200 en 1350 gaat het bergafwaarts met de bisschoppelijke macht. Holland en Gelre zijn bezig hun territorium te consolideren en dat brengt hen in conflict met het Sticht. Daarnaast waren er de locale edelen, die naar machtsuitbreiding streefden. Doordat sommige bisschoppen slechte bestuurders waren, raakten veel bisschoppelijke kastelen verpand (zie Vreeland). Gedreven door handelsbelangen wisten ook de steden (in het bijzonder Utrecht) de zwakke positie van de bisschop uit te buiten. Zij verschaften hem geld in ruil voor invloed op het bestuur en een greep op de kastelen.

Kastelen
Kastelen zijn een belangrijk deel van het Middeleeuwse culturele erfgoed. Zij dienden niet alleen voor status en ridderlijk vertoon, maar zijn ook symbolen van machtsvorming. Zij werden bij altijd primair om militaire redenen gebouwd. De kasteelheer kon zich binnen de muren terugtrekken en men moest troepen op de been brengen om hem tot de orde te roepen.
De eerste kastelen werden gebouwd door de bisschop*, die zijn gebied had te verdedigen tegenover zijn buren, in het bijzonder tegen de graaf van Holland. Zo ontstond het kasteel in Vreeland, dat inmiddels niet meer bestaat, maar waarvan de naam nog herinnert aan het doel: vrede met Holland.

De meeste kastelen in de provincie Utrecht verrezen tussen 1250 en 1350, meestal op strategische plaatsen langs goed bevaarbare rivieren zoals de Aa en de Vecht. De oeverwallen van deze rivieren waren stevig genoeg voor dergelijke zware bouwwerken, in tegenstelling tot het omringende veengebied.
Kastelen waren ook belangrijk in oorlogstijd. De landsheer kon gebruik maken van de kastelen van zijn leenmannen. Zij moesten deze bij die gelegenheid aan hem ter beschikking stellen (het recht van 'open huizen').

In de Vechtstreek behoorden onder andere Ruwiel, Loenersloot en Abcoude tot de open huizen.
Overigens waren de kastelen niet allemaal steunpunten van het bisschoppelijk gezag. Zuylen, Ter Meer en Snaefsburg waren aan de bisschop gebonden, maar Gunterstein, Nijenrode en Mijnden waren Hollandse leengoederen. Daarnaast waren er nog Gelderse lenen, zoals Loenersloot.
Aan het einde van de Middeleeuwen neemt door de zwaardere wapens het strategisch belang van kastelen sterk af. Hun kwetsbaarheid blijkt al ten tijde van de Hoekse en Kabeljauwse twisten, wanneer Utrechters het kasteel in IJsselstein verwoesten en pludenrende Kablejauwse troepen het slot Zuylen, op dat moment in bezit van de Hoekse Frank van Borselen, tot een ruïne maken.

Organisatie van bestuur Iedere koning, graaf of bisschop stond voor het probleem dat zijn gebied te groot was om dat geheel zelf te besturen. Eén voor de hand liggende oplossing, waarmee Karel de Grote al een begin had gemaakt, was rondtrekken door het bestuursgebied en ter plaatse zaken regelen. Een a
lternatief was het inschakelen van de locale aristocratie bij bestuurstaken. Betaalde abtenaren waren aanvankelijk geen optie. Wij zien die pas in de late Middeleeuwen op grotere schaal verschijnen, wanneer de geldeconomie beter functioneert en de regionale machtsgebieden worden samengevoegd tot een staat met moderne kenmerken.
Men koos daarom aanvankelijk voor een beloning in natura: het in leen geven van grond (later ook van ambten) in ruil voor trouw en diensten. Dit leenstelsel* werd de basis van het bestuur. Het had als voornaamste nadeel dat het leen zelf al spoedig als erfelijk werd beschouwd, waarmee de leenheer (bijvoorbeeld de bisschop) zijn daadwerkelijke controle over zijn leenman (vazal) verloor en daarmee de directe greep op zijn bestuursgebied.
Ook de bisschop van Utrecht zag zich met dit probleem geconfronteerd. Hij ging steeds meer vertrouwen op onvrije dienstlieden, ministerialen, die althans aanvankelijk nauwer aan hem verbonden waren dan de edellieden binnen het Sticht. Zij werden ingeschakeld bij het bestuur van het bisschoppelijke grootgrondbezit, bij zijn militie en bij de ontginningen. Het waren vooral de ministerialen die in Utrecht in het bezit kwamen van kastelen. Een bekende ministerialenfamilie die verscheidene kastelen bezat, is die Van Zuylen.

De bisschop stelde in verschillende gebieden een maarschalk* aan, die namens hem de hogere rechtsmacht uitoefende, dat wil zeggen, dat deze de rechtspleging leidde in criminele zaken waarop lijfstraffen stonden. Hij had tot taak in brede zin vrede en veiligheid te handhaven. Zo bekleedde vanaf de 14e tot het begin van de 16e eeuw een lid van de familie Van Zuylen het maarschalksambt. De maarschalken kregen vaak een kasteel tot hun beschikking. Bovendien was rechtspraak een belangrijke bron van inkomsten, waardoor deze bisschoppelijke ambtenaren zich soms behoorlijk konden verrijken en over zo veel prestige gingen beschikken dat zij ook zelf een kasteel lieten bouwen.

Meer informatie
    •    Collectie Utrecht: Van woontoren tot buitenplaats
    •    De Nederlanden in de Middeleeuwen [Wikipedia]
    •    De Nederlandse geschiedenis: het Duitse Rijk (925) [www.minbuza.nl]
    •    Feudalism [Wikipedia]
    •    Leenstelsel [Wikipedia]
    •    Rechtspraak, rechtsgang en onze voorouders
    •    The Gregorian Reform Movement
  • Medieval Sourcebook: Selected sources: empire and papacy, ISBN:
  • Vinogradoff, P. (1924), Feudalism. Cambridge Medieval History, volume 3, pp. 458-484, ISBN:
  • On-line reference Book for medieval studies (ORB), ISBN:
  • Nelson, L.H., The Rise of Feudalism, ca. 850-1000 AD, ISBN:
  • Medieval Sourcebook: Two Reviews of Susan Reynolds: Fiefs and Vassals (1994), ISBN:
  • Olde Meierink, B. e.a. (1995), Kastelen en ridderhofsteden in Utrecht, Utrecht 1995., ISBN:
  • anssen, H.L. (1977), The castles of the bishop of Utrecht and their function in the political and administrative development of the bishopric, in: Château Gaillard. Études de castellogie médiévale. Actes du colloque international tenu a Bad Münstereiffel , ISBN:
  • Ganshof, F.L. (1976), Feudalism, London 1976 (3e Engelse druk)., ISBN:
  • Feudalism? [Internet Medieval Sourcebook], ISBN:
  • De Monté Verloren, J.Ph. (1972), Hoofdlijnen uit de ontwikkeling der rechterlijke organisatie in de Noordelijke Nederlanden tot de Bataafse omwenteling, Deventer 1972., ISBN:
  • Dekker, C. & Aalbers, J. (red.) (1997), Geschiedenis van de provincie Utrecht Utrecht, Utrecht 1997 [Stichtse historische reeks], deel I., ISBN:
  • Buitelaar, A.L.P. (1993), De stichtse ministerialiteit en de ontginningen in de Utrechtse Vechtstreek (dissertatie), Hilversum1993., ISBN:
  • Blom, J.C. & Lamberts, E. (red.) (1993), Geschiedenis van de Nederlanden, Baarn 1993 (4e druk 2006)., ISBN:
  • Blijdenstijn, R. (2005), Tastbare tijd. Cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht, Utrecht 2005., ISBN:
  • Barraclough, G. (1975), The medieval papacy, London 1975., ISBN:
  • Algemene Geschiedenis der Nederlanden, deel 3 Middeleeuwen (1982), p. 19-30, ISBN:
kaart
Ontstaan Vechtlandschap
Eerste bewoning
Agrarisch bedrijf 1000-1500
Grote ontginning
Machtsstrijd Utrecht-Holland
Kastelen
Economie 1350-1575
Waterhuishouding
Vervening
Agrarisch bedrijf 1500-1660
Economie 1575-1850
Droogmakerijen
Buitenplaatsen
Agrarisch bedrijf 1660-1760
Agrarisch bedrijf 1760-1870
Industrialisatie
Agrarisch bedrijf 1870-1940
Agrarisch bedrijf 1945-heden
Cultuur & recreatie
Waterhuishouding
verander wachtwoord - log uit
COOKIES
Deze website maakt gebruik van Cookies. - Wilt U Cookies toestaan?